Ook flexwerker heeft vanaf 2020 recht op transitievergoeding

03-10-2019

Per 1 januari 2020 is de duur van het dienstverband niet langer van belang voor het recht op de transitievergoeding. Zelfs bij ontslag in de proeftijd moeten werkgevers straks de vergoeding ophoesten. Hetzelfde geldt als hij een tijdelijk contract niet verlengd. Het is dan de bedoeling dat de ontslagen werknemer de vergoeding inzet voor (bij)scholing of jobcoaching voor een nieuwe functie.

Financiële vergoeding bij ontslag in proeftijd

De Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB) brengt per 1 januari 2020 diverse wijzigingen aan in de regels voor de transitievergoeding. Zo betalen werkgevers na invoering van de WAB al vanaf de eerste dag van het dienstverband een transitievergoeding bij onvrijwillig vertrek van een (niet AOW-gerechtigde) werknemer. Dus ook bij ontslag in de proeftijd, betaalt de werkgever een (in dit geval zeer lage) vergoeding. Om de hoogte van de transitievergoeding te bepalen, kijkt de werkgever naar het maandsalaris per gewerkt dienstjaar en de duur van de arbeidsovereenkomst. In 2019 is de hoogte van de transitievergoeding maximaal € 81.000 of een jaarsalaris als dat hoger is dan € 81.000. Per 1 januari 2020 wordt de transitievergoeding overigens berekend over het gehele dienstverband, in plaats van deze af te ronden naar halve dienstjaren.

Organisaties met veel flexwerkers

Stel dat een werknemer € 3.000 bruto per maand verdient. Op 1 januari 2020 verloopt zijn halfjaarcontract en hij krijgt geen verlenging. De werkgever moet dan de portemonnee trekken voor een transitievergoeding van € 500 (1/6 x € 3.000). Dit bedrag is niet zo hoog, maar voor organisaties die veel met flexibele krachten werken, kunnen de kosten bij uitdiensttredingen behoorlijk oplopen. Het kabinet hoopt dat flexwerkers hun lage transitievergoedingen opsparen tot een ‘substantieel’ bedrag, dat zij vervolgens inzetten voor de bekostiging van (bij)scholing voor een nieuwe functie.

Lagere vergoeding voor loyale werknemers

De wijzigingen kunnen werkgevers extra geld kosten, maar niet in alle gevallen. Onder het huidige recht ontvangen 50-plussers die langer dan tien jaar in dienst zijn, na het tiende dienstjaar de helft van het maandsalaris per dienstjaar. Per 1 januari 2020 vervalt deze hogere vergoeding en ontvangt elke ontslagen werknemer een transitievergoeding volgens dezelfde formule: een derde van het maandsalaris per dienstjaar. Deze maatregel bespaart werkgevers dus juist centen bij vertrek van 50-plussers. Een werknemer die € 3.000 bruto per maand verdient en na vijftien jaar wordt ontslagen, heeft onder de WAB recht op (1/6 x € 3.000 x 30 =) € 15.000 aan transitievergoeding. De werknemer zou onder de huidige regels (1/3 x € 3.000 x 10 ) € 10.000 + (1/2 x € 3.000 x 5) € 7.500 = € 17.500 krijgen, ofwel € 2.500 meer! De precieze gevolgen van de wijzigingen in de transitievergoeding zullen uiteraard afhangen van de omstandigheden en het beleid van een organisatie.